Tagarchief: transseksueel

Thuis wat uit te leggen

Eén keer per maand wordt er in Amsterdam bij Transvisie een bijeenkomst georganiseerd voor transmannen / vrouw-naar-man transseksuelen (mannen die met een vrouwenlichaam zijn geboren, maar een mannelijke identiteit hebben). De mannen die de groep bezoeken zitten in verschillende stadia van omgaan met hun genderdysforie. Sommigen twijfelen nog, anderen zijn reeds gestart met hun transitie of zelfs al meer dan dertig jaar klaar.

Iedere maand komt er een gastspreker of wordt er een bepaald thema behandeld. Daarna is er een borrel. Ik ga daar regelmatig heen en ik vermaak me altijd prima. Vooral tijdens de borrel, waar we ongegeneerd kunnen praten en lachen over transmannenzaken.

Afgelopen zaterdag kwam stemcoach Coen Honig langs. Hij heeft veel ervaring met transgenders en sprak over stemgebruik door transmannen en waar je op kunt letten. Het blijkt nl. maar al te vaak dat transmannen hun stem, vooral na het starten met de testosteroninname, verkeerd gebruiken en hun leven lang met een jongensstem van een jaar of 18 blijven rondlopen. Jammer en niet nodig.

Het was weer een interessante en gezellige bijeenkomst en na afloop loop ik met twee andere transmannen terug naar het station. Een wandeling van zo’n  half uur. We genieten van het weer, we praten nog wat door en we lachen vooral over de veranderingen die we meemaken in ons lichaam en met onze omgeving.

Als we op het plein bij de Waag lopen, worden we ineens omringd door een groep van tien of twaalf zeer vrolijke en uitbundige dames. Een vrouw van achter in de twintig met een knaloranje exorbitant grote zonnebril en een veren boa roept lacherig: “Mag ik jullie wat vragen?”

“Ja, natuurlijk, dat mag!” roepen we in koor. Zoveel vrouwelijk schoon is natuurlijk niet te weerstaan.

“Het is namelijk zo” zegt ze giechelig “we vieren mijn vrijgezellenfeest en nu moet ik een aantal opdrachten uitvoeren. Ik moet o.a. drie labels knippen uit drie boxershorts van drie verschillende mannen en ik zag jullie lopen met zijn drieën, vandaar mijn vraag, mag ik met deze schaar de labels uit jullie onderbroeken knippen?”

Een beetje aangeschoten zwaait ze gevaarlijk met een schaar boven haar hoofd en verontschuldigend zegt ze “Jullie hoeven je broek niet uit te trekken hoor, jullie boxers trek ik wel even naar boven als jullie het goed vinden!.”

De dames gieren het uit. Wij van binnen nog veel meer. We stemmen toe, terwijl de aanstaande bruid licht blozend verzekert dat ze niet lager zal knippen.

“Als je dat maar belooft” roep ik streng uit, terwijl ik naar mijn kruis kijk “daar ben ik zuinig op.”
We draaien ons één voor één om en trekken onze boxer aan de achterkant boven onze broek uit. De vrijgezellige dame begint te knippen. Eén label, twee labels, drie labels. Er worden foto’s gemaakt. Als volleerde mannen worden we vereeuwigd en maken we grapjes met het vrouwengezelschap.

“Nou, jullie hebben straks wat uit te leggen thuis” ginnegapt één van de vriendinnen.

“Ja” beamen we “dat hebben we zeker…” Ook wij moeten wederom ontzettend lachen om deze hele situatie, Het is echt hilarisch. We nemen afscheid, wensen de bijna bruid veel geluk en vervolgen onze weg.

“Zijn we nou mannen of niet?” vraagt mijn collega.

“Met vlag en wimpel geslaagd” zeg ik.

De dames moesten eens weten. Er viel weinig te knippen.

.

.

.

Advertenties

One of the boys

23 april – De slapeloze nacht

Sinds ik testosteron gebruik, zeven maanden nu, slaap ik als een blok. Een geweldige bijwerking kan ik wel zeggen, het is een weelde zoveel slaapgenot te ervaren na jaren en jaren van belabberde nachten. De nacht van 23 april kon ik de slaap echter niet vatten. Heel vreemd. Ik ben het gewoon niet meer gewend.

Uiteindelijk stond ik maar op en ben ik wat gaan surfen op het net en, toeval bestaat niet, ik zag een droom van een vacature, die ik anders zeker niet gezien zou hebben, want eigenlijk geloof ik op mijn leeftijd niet meer zo erg in het schrijven van brieven. Netwerken heeft veel meer zin en is veel effectiever.

Omdat ik van het enthousiasme toen helemaal niet meer kon slapen, heb ik er om 4 uur ’s nachts een brief uit geknald, want als je iets echt wilt, dan is het geen enkel probleem om daar een motivatie voor te vinden. Daarna toch nog even lekker geslapen.

Dezelfde dag nog word ik gebeld door het Uitzendbureau; “We willen graag kennis met je maken, alleen wordt alles geregeld vanuit Utrecht, wel wat ver voor jou, je kunt hier langs komen, maar we kunnen de sollicitatie ook telefonisch doen hoor!” “Geen probleem” hoor ik mezelf meteen zeggen “ik kom wel langs, ik wil de kans op slagen zo groot mogelijk maken, want deze functie interesseert me echt enorm!”

Razendsnel heb ik me bedacht dat het belangrijk is dat ze me zien, op die manier kan ik eventuele vooroordelen over transseksuelen meteen van tafel vegen. Ik weet dat als men mij ziet ik vertrouwen geef en uitstraal, want weet ik veel wat ze denken, misschien wel dat ik er raar uit zie, dat ik psychisch in de knoop zit of wat dan ook. Ik moet grinnikend meteen denken aan wat een collega met verbazing uitriep nadat ik uit de kast was gekomen voor de hele afdeling tegelijk “Oh, maar jij bent helemaal niet zielig en zo vol met leven en met zin om er wat van te maken, wat bewonder ik jou!”

28 april 2015 – De intake

Met mijn gloednieuwe paspoort met de felbegeerde M en mijn oude diploma’s meld ik me ruim op tijd bij het Uitzendbureau. In de bevestigingsmail stond dat ik mijn diploma’s mee moest nemen. Indien dat niet zou kunnen had ik dat van te voren moeten melden. Blijkbaar vinden ze diploma’s erg belangrijk dacht ik. Op mijn diploma’s staat echter mijn vrouwennaam. Ik verwachtte dus dat er gesproken zou gaan worden over mijn transgender-zijn. Leek me ook wel logisch nog in dit stadium  van mijn transitie. Als ik me heel mannelijk kleed met een overhemd in blauwtinten die me wat stoerder maken, dan word ik tegenwoordig meestal met meneer aangesproken. Kleed ik me uniseks, dan is er twijfel en wordt het vaak toch nog mevrouw. Kapsel en kleding zijn in deze fase van mijn transitie heel belangrijk. Ik heb wel het geluk dat mijn stem weer behoorlijk zwaarder is geworden de afgelopen week.

Het gesprek begint heel relaxed. Ik moet me legitimeren, ze maken kopieën, ze vullen al mijn gegevens in. De rest van het gesprek gaat ook heel soepeltjes, er worden veel vragen gesteld en ik geef gemakkelijk antwoord. Wel vraag ik me af of de meneer van het Uitzendbureau niets ziet of vermoedt? Voor ik het weet zijn we vijf kwartier verder en om mijn diploma’s wordt niet gevraagd. Ik heb helemaal niet hoeven spreken over het feit dat ik een transman ben! Geen uitleg, geen vragen, geen gedoe… huh?? Ik kan het eigenlijk nog maar nauwelijks bevatten. Achteraf snap ik het eigenlijk ook wel, ze verwachten een man, je stelt je voor als een man, in je paspoort staat man en dan ben je het ook gewoon. En dat ben ik ook. Ze kunnen hoogstens denken wat een vreemd ventje, maar dat kan me geen bal schelen, ik had dit alleen nog niet verwacht. Wat kan het leven toch weer verrassend lopen.

Een half uur later zit ik trots als een pauw in de trein op weg naar huis. Jéeee, ik was gewoon Rick. Ik heb een glimlach van oor tot oor. Dan komt er een meisje van een jaar of twaalf naar me toe en vraagt: “Meneer…. uhhhh….. mevrouw, mag ik u iets vragen?” “Maar natuurlijk” zeg ik brullend van de lach.

7 mei 2015 – De sollicitatie

Het was spannend, maar op 1 mei hoor ik dat ik voorgesteld zal worden aan mijn mogelijke nieuwe werkgever. Ik ben door het dolle heen. Het is me gelukt om naar de volgende ronde te gaan en nog wel als Rick, als man en niet als transman. Van de 150 kandidaten zijn er nog twaalf kandidaten over voor acht werkplekken door heel Nederland. In mijn regio zijn er twee plekken voor drie voorgestelde kandidaten. De week duurt heel lang, ik weet dat ik een behoorlijke kans maak, maar ik heb de job nog niet, hoewel ik er een enorm goed gevoel bij heb.

Alle overgebleven kandidaten worden ontvangen in een rommelig zaaltje. We krijgen plenair extra informatie over de functie en over het bedrijf, we krijgen een bedrijfsfilm te zien en we vertellen allemaal iets over onszelf. Van mijn fobie voor voorstelrondjes is niets meer over. Daarna hebben we allemaal, één voor één, een speeddate van tien minuten met twee leidinggevenden. In die tien minuten moet je jezelf verkopen.

Ik ben als een van de laatsten aan de beurt. Van zenuwen geen sprake en ik sta versteld van de antwoorden die ik geef. De dag ervoor heb ik bewust besloten me niet voor te bereiden op het gesprek en te vertrouwen op mezelf en op wat er zou komen. Je kunt toch nooit alle vragen voorbereiden en eigenlijk alleen maar jezelf zijn.

Ik heb het gevoel dat het eigenlijk niet meer mis kan gaan, maar mijn god wat spannend nog. Het is nu wachten tot morgenochtend. Doordat deze hele sollicitatiemarathon nogal uitgelopen is, worden we niet dezelfde middag, maar pas de volgende ochtend gebeld met het verlossende woord. Job or no job. Sowieso ben ik tevreden. Veel beter had ik het niet kunnen doen en ook nu was ik gewoon Rick en niet Rick met al dat transgendergedoe, wat ontzettend heerlijk, wat een bevrijding.

Op het station koop ik een broodje. Eerder die dag kon ik niet veel door mijn keel krijgen en ik scheur nu van de honger. “Alstublieft mevrouw!” zegt de donkere meneer vanachter de toonbank, terwijl hij me het wisselgeld terug geeft. Ik kijk hem aan en moet wederom vreselijk lachen “Mevrouw???”  Tsja… wat maakt het ook uit. Het is allemaal slechts een kwestie van tijd en de testosteron zal nog veel van zijn werk gaan doen.

8 mei 2015 – De verlossing

Ondanks de spanning slaap ik goed en kan ik rustig wachten tot de volgende dag 10:00 uur. Dan slaan de zenuwen ineens heftig toe. Het zal nu niet meer zo lang duren denk ik. Ik speel een spelletje Risk met mijn kinderen die vakantie hebben. Een welkome afleiding want mijn hart klopt ondertussen in mijn keel. Dan, om 10:40 uur, gaat de telefoon. Ik spring omhoog, mijn kinderen gillen “Daar is ieeeeeeeeeeeeee!”

“Positief nieuws Rick!” hoor ik aan de andere kant van de lijn, er ontsnapt een harde “YESSSS!!!!!” terwijl ik mijn vuist bal. Ik ben één van de vijf mensen die aangenomen is, dus niet eens één van de acht. De verdere gang van zaken wordt besproken en hoewel ik heel serieus antwoord geef, sta ik ondertussen te dansen, of beter gezegd op een idiote manier te draaien met mijn onderlijf. Mijn zoon en dochter, allebei pubers, schamen zich rot, dat blijkt uit alles, ze houden zich echter wel stil gelukkig. De meneer van het Uitzendbureau merkt niets. Het gesprek duurt ruim vijf minuten, wat verschrikkelijk lang is als je het eigenlijk uit wil schreeuwen, en als ik neerleg springen we met zijn drieën de kamer rond. Mijn kinderen zijn ook heel blij, maar drukken me wel op het hart dat ik nooit, maar ook nóóit meer mag proberen te twerken. “Echt mam, dat kan echt niet!!!!”

Maandag a.s. begin ik met een intensieve training van bijna vier weken. Daarna aan het werk ‘as one of the boys’!  Het is toch wel even heel anders om aan de slag te gaan als man dan als een man die ooit een vrouw was. Ik ben passabel, in ieder geval op mijn werk. Ik heb het hem gewoon geflikt!

Het is nog niet te bevatten…

.

,

,

Terugbouwen

Terugbouwen. Een nieuwe term die ik zou willen introduceren. Bij deze.

Ombouwen, dat is de term die je vaak hoort als er over transseksuelen gesproken wordt. Door veel transgenders wordt dat als zeer kwetsend ervaren. Ze worden omgebouwd van man naar vrouw of van vrouw naar man. Snap dat kwetsende wel, want het lijkt net of er over machines gesproken wordt. We hebben het alleen over mensen en wel over mensen die over het algemeen lang en intens geleden hebben en van alles hebben geprobeerd om te (over)leven met en in hun verkeerde lichaam.

Het is dan ook beter om over (geslachtsaanpassende) operaties te spreken. Operaties die nodig zijn om een afschuwelijke en wrede speling van de natuur recht te zetten. Geen cosmetische operaties dus, maar helende operaties. Het is niet het snijden in gezonde lichamen, maar het verhelpen/zoveel mogelijk corrigeren van verminkingen, zonder dat je overigens ooit zeker bent van het te verwachtte resultaat.

Zelf kan ik me daar trouwens niet zo druk over maken, over de term ombouwen, het heeft namelijk alles te maken met een gebrek aan informatie en kennis omtrent het thema en mensen hebben vaak simpelweg geen idee van wat ze zeggen en kwetsen bijna nooit met opzet. Mijn ervaring tenminste. Je kan het ze dus ook eigenlijk niet kwalijk nemen. Goede informatie in deze is dus essentieel.

Het zou natuurlijk mooi zijn als men zich gaat  realiseren dat ombouwen een verkeerd gebruikt woord is in deze. Het is helaas een begrip dat ingesleten is in onze maatschappij. Maar hoe dan ook, ik vind de term ‘ombouwen’ sowieso de lading niet dekken.

Loesje transgenderOmbouwen impliceert dat je iets maakt dat er niet is of was. Ik ben echter al sinds mijn geboorte een man, hoewel ik er aan de buitenkant als een perfect geschapen meisje uitzag en daarna om aan dat beeld te voldoen altijd verschrikkelijk mijn best heb gedaan om die vrouw te spelen.

In de embryonale fase is er namelijk iets faliekant mis gegaan. De hersenen worden als eerste gevormd. In mijn geval is er toen een mannelijk brein gevormd. Daarna pas wordt het lichaam gevormd en om het even versimpeld te zeggen, is er toen iets verwisseld in de bedrading in mijn hersenen en, domme pech, bij mijn mannelijke brein werd een vrouwelijk lichaam gevormd.

Natuurlijk voelde ik dat wel, dat er iets niet klopte, maar mijn verstand kon er niet bij. Ik zag toch een meisje en later een vrouw? En iedereen zei toch dat ik een meisje was? En dat meisje zag er toch goed uit?  Daar was toch niets mis mee?

Vervolgens, om mezelf te beschermen, ontwikkelde ik een ijzersterk overlevingsmechanisme waarbij ik mijn werkelijke gevoelens verdrong of zelfs helemaal blokte. Uit het psychologische traject dat ik heb moeten volgen het afgelopen jaar is o.a. naar voren gekomen dat ik bijvoorbeeld geen enkele herinnering over mijn borsten heb totdat ik zo’n 25 jaar oud was. Geen enkele herinnering dus. Ze zijn totaal weg, verdrongen en uitgewist.

Het is dus niet zo dat ik een man wil WORDEN. Ik BEN een man. En dat ben ik altijd al geweest. al was ik me daar niet altijd meer van bewust door die verdringing. Mijn omhulsel was vrouwelijk en daar kan ik nu absoluut niet meer mee leven. Dat heb ik lang genoeg geprobeerd. Ook kan het niet meer omdat mijn overlevingsmechanisme niet meer werkt. Helemaal kapot is.

Nu een kwestie van terugbouwen dus. Een andere optie is er niet meer.Terug naar zoals het was in den beginne. Terug naar zoals het had moeten zijn. Van binnen een man. Van buiten een man. Voor zover als dat nog kan tenminste. Perfect worden zal het nooit, maar daar neem ik genoegen mee.

,

,

 

Man at work

Ineens moest het. Ineens besloot ik het. NU! Nu, ga ik het doen, nu is het moment. Rigoureus. Huppakee. Voor zestig man tegelijk uit de kast.  Zo snel al ik kan typen (en dat is snel) schreef ik onderstaand schrijven, redigeren was niet eens meer nodig. In één keer stond het op papier. Niet nadenken, doen! Zo werkt dat bij mij.

De volgende ochtend vroeg ik mijn leidinggevenden, die wel al op de hoogte waren van mijn transseksualiteit, want ik ben hierover open geweest bij mijn sollicitatie, de boodschap op het interne net te zetten van onze afdeling. Gelukkig ging ik toen net lunchen, want het was toch wel even heel spannend. Kon ik even tot rust komen en afwachten wat er zou gaan gebeuren.

Beste collega’s,

Soms zijn dingen niet wat ze lijken. Jullie hebben me leren kennen als Roos, een vrouwelijke collega, want zo doet mijn uiterlijk vermoeden, al kleed ik me mannelijk. Ik ben echter een man, geboren in een vrouwenlichaam. Altijd al wist ik dat er iets niet klopte, maar ik stopte het weg en ik ontkende het. Het kon niet, het mocht niet, het was onzin. Maar ontkennen lukte uiteindelijk niet meer. Ik kon mezelf niet langer verloochenen, want daar ging ik aan kapot.  Uiteindelijk heb ik gekozen voor mezelf, met alle consequenties van dien. Ruim twee jaar geleden kon ik het gewoonweg niet meer opbrengen door te leven zoals ik altijd geleefd heb (als vrouw) en heb ik me aangemeld bij het Genderteam van het VUmc.

Na een wachtlijst en eindeloze psychologische tests en onderzoeken is nu de diagnose gesteld. Ik ben transgender/transseksueel. Voor mij is de acceptatie van wie ik werkelijk ben een opluchting en een bevrijding. Ik ben geboren als Roos, maar binnenkort zal ik eindelijk helemaal Rick zijn (mijn nieuwe naam). Eindelijk zal mijn buitenkant overeen gaan stemmen met mijn binnenkant. Vorige week ben ik nl. begonnen aan de geslachtsaanpassende behandeling.

Conform het behandelprotocol van het Genderteam van het VUmc start nu de zgn. real-life experience fase (RLE). In deze fase word ik geacht in alle levensomstandigheden in de gewenste genderrol (man dus) op te treden, dus ook in mijn werk. Vandaar dat ik me nu ook open naar jullie toe. Ik heb dat niet eerder gedaan omdat ik in eerste instantie een contract had voor vier maanden en jullie de op komst zijnde veranderingen toch niet zouden zien. Nu mijn contract verlengd is, is het een ander verhaal.

De RLE fase wordt ondersteund door een hormoonbehandeling. Een aantal veranderingen zullen relatief snel optreden (daling stemgeluid, lichaamsbeharing), andere veranderingen hebben meer tijd nodig (toename spiermassa en kracht, verandering vetdistributie). Ik realiseer me dat dit een hele rare fase is. Ik zal langzaamaan gaan vermannelijken, maar ik heb nog steeds te dealen met een grote boezem waardoor ik gewoon nooit echt als man gezien word, maar de regels zijn nou eenmaal dat je pas na een jaar na start met de hormonen in aanmerking komt voor evt. operaties, hoewel ik daar tegen in beroep ben gegaan.

Zolang mijn stem nog vrouwelijk is, zal ik me aan de telefoon naar klanten toe gewoon Roos blijven noemen. Ik merk vanzelf wel wanneer ik de overstap kan maken naar Rick. Wat jullie, collega’s betreft, laat ik het aan jullie over. Jullie mogen me Roos of Rick (graag!) noemen, maar daar wil ik een ieder vrij in laten. Ik besef heel goed dat dit een niet alledaagse situatie is en voor sommige mensen misschien wel raar en moeilijk. Voor iemand die het niet zelf meemaakt is het denk ik niet voor te stellen wat het is om te leven in een verkeerd lichaam.  Zelf ben ik heel open en trots op wie ik ben en blij dat ik eindelijk kan laten zien wíe ik werkelijk ben. Schroom alsjeblieft niet om me vragen te stellen als je die hebt. Kom gewoon even naar me toe.  Geen probleem.

Graag wil ik jullie ook nog bedanken voor de kaarten en het medeleven die ik ontvangen heb tijdens de ziekte en na het overlijden van mijn moeder. Dat was echt heel fijn en sterkend.

Hartelijke groet,

Rick

Ongelooflijk fijn wat er toen en de volgende dagen gebeurde (want niet iedereen las meteen het bericht). Tientallen mails in mijn mailbox, steunbetuigingen, collega’s die naar me toe kwamen en mensen die zich opnieuw aan me voorstelden. Bewondering alom over mijn openheid, over mijn manier van dit bekendmaken.  Ik had daar zelf niet eens zo bij stilgestaan, maar dat was schijnbaar toch wel bijzonder.

Inmiddels is er ruim een week voorbij en iedereen noemt me al Rick, ik neem de telefoon op met Rick (besloot na een paar dagen niet te wachten op de verandering van mijn stem)  en ik voel me echt geweldig. Geen geheim meer op de werkvloer. Ik voel me gezien. Ik word gezien. Ik mag mezelf zijn. Ik voel me veel vrijer.

Dank collega’s. Jullie hebben er vast geen idee van wat dit voor me betekent, maar dit is zó groots. En ach, jullie mogen het ook best weten. Nu ik dit schrijf stromen de tranen over mijn wangen. Van geluk en ontroering uiteraard. Bij deze ‘man at work’.

Groen licht!

Terwijl ik me in het Hospice bevind, om vier uur het verlossende telefoontje van de psycholoog van het Genderteam van het VUmc. Ik heb groen licht, ik mag door naar de volgende fase, the real-life experience (RLE).

groen-lichtIk heb groen licht! Binnenkort zal er gestart worden met de hormoonbehandeling waardoor mijn lichaam zich zal gaan vermannelijken. Eindelijk. E I N D E L I J K.  Wat heb ik uitgekeken naar dit moment.

Maar

Ik voel me koud. Verdoofd. Ik weet dat geluk en verdriet naast elkaar kunnen bestaan en toch…

Nee

Nu kan ik niet blij zijn. Gisteren verloor ze haar bewustzijn. Mijn moeder. Ik kan het niet meer vertellen. Aan haar die me onvoorwaardelijk lief heeft. Een dochter? Een zoon? “Ach, je bent gewoon mijn kind” zei ze.

Lieve mama, ik hoop en smeek dat je nu geen pijn meer hebt. Fijn was het om vannacht bij je te waken. Jij en ik, samen. De hele nacht. Zonder woorden. Slapen kon ik niet. Maar dat was eigenlijk wel heel fijn. Ik luisterde naar je ademhaling en herinnerde me in alle rust allerlei typische dingen van jou. In mijn eentje moest ik lachen.

En ach…  Alles is al gezegd. Tussen ons geen ‘openstaande rekeningen’ meer. Je mag gaan lieverd. Het is goed. Voor altijd in mijn hart.

.

.

Op naar groen licht?

29 augustus 2013

Op deze dag neem ik een enorm belangrijke beslissing. Ik besluit te stoppen met vechten. Niet dat dat meteen lukt en alles gladjes verloopt, maar er verandert sindsdien veel. Tussen besluiten en uitvoeren zit namelijk nog wel een hele stap, maar langzaamaan lukt het steeds beter en de eerste stap is vaak de belangrijkste. Ik word steeds meer mezelf, geef steeds meer openheid en voel steeds meer vrede in mezelf. Ik ervaar een wereld van verschil tussen toen en nu en steeds vaker ervaar ik authentieke geluksmomenten en voel ik me héél gelukkig, ondanks de hobbels en forse tegenslagen die op mijn pad komen. 

29 augustus 2014

Ik heb het laatste gesprek met mijn psycholoog in de diagnostische fase. In tegenstelling tot de maandag daarvoor, waarop het gesprek plaats had moeten vinden en ik slecht in mijn vel zat en erg nerveus was, ben ik vandaag rustig en vol zelfvertrouwen. Ik voel slechts een heel klein beetje gezonde spanning, maar die verdwijnt al snel als sneeuw voor de zon. Ik eindig de diagnostische fase zoals ik die begonnen ben. Ik ben de rust zelve.

Mijn verhaal is goed overgekomen. Met mijn rapport zijn de laatste puzzelstukjes aangereikt en is de puzzel compleet. Het wordt een mooi en indringend gesprek. Ontspannen en hoopvol. Mijn psycholoog gaat me voordragen aan het team. Het team dat gaat beslissen of ik nu ook eindelijk man ‘van buiten’ mag gaan zijn.

Ze heeft er een goed gevoel bij: “Dat kan ik je wel vertellen met alle ervaring die ik opgedaan heb de laatste tien jaar als psycholoog op de Genderpoli”. Het Genderteam neemt uiteindelijk de beslissing, maar je wordt alleen voorgedragen als je eigen psycholoog ervan overtuigd is dat je groen licht moet krijgen. 

Wat een heerlijk gevoel toen ik de spreekkamer uit liep. Weer een fase afgerond!  Klaar met moeilijke psychologische tests, gesprekken en onderzoeken. Ik vond het zwaar en uitputtend, vaak oneerlijk en ik voelde me overgeleverd aan het systeem en de protocollen, maar heb het doorstaan. Op naar groen licht!

5 september a.s. het verlossende woord.  

Sorry, foutje!

Maandag 25 augustus. Twee Amsterdamse ziekenhuizen. Hemelsbreed nog geen 3 km van elkaar. Bijna tegelijkertijd twee gesprekken. Over leven en dood.

NKI-AVL – Verpleegafdeling 

Begin dit jaar kreeg mijn moeder allerlei gezondheidsklachten. Pijn in haar knie, in haar heup, haar nieren en vermoeidheid. Na weken van onderzoek kregen we het slechtste nieuws dat we konden krijgen; uitzaaiingen op verschillende plekken, genezing onmogelijk, nog slechts behandeling gericht op pijnbestrijding.

Ik heb hier niet eerder over geschreven omdat ik dit nog privé wilde houden, maar de schok was enorm. Wie had gedacht dat er iets was dat mijn moeder had kunnen stoppen? Nog zo jong van geest en zo ontzettend energiek? De spil van onze familie? We dachten altijd dat ze kwiek bijna honderd zou worden, net als mijn oma, maar niets is minder waar helaas.

Samen met ZusDrie heeft mijn moeder een gesprek met de transferverpleegkundige. Ik had daar graag bij willen zijn, maar heb een belangrijke afspraak in het VUmc. Die laat ik voor gaan. Voor niets blijkt uiteindelijk.

De gezondheidssituatie van mijn moeder is in korte tijd enorm verslechterd en zo langzamerhand wordt duidelijk dat we haar niet langer thuis kunnen verzorgen. De morfinepomp die ze vanaf vrijdag draagt geeft verlichting, maar de pijn is maar moeilijk onder controle te krijgen. Ze is flink en ontredderd tegelijk. Ze wil niet dood.

Er is geen ontkomen meer aan de harde werkelijkheid en we moeten beslissingen nemen over haar laatste levensfase. Gelukkig kunnen mijn zussen en ik dit samen doen met mijn moeder en gaat dat heel soepeltjes. Haar hele leven heeft zij voor ons gezorgd en nu zijn we er voor haar. Als één blok.

VUmc – Genderpoli 

Maar ondertussen gaat mijn proces door. Ik praat daar nu niet over met mijn zussen. Ze hebben nu andere zorgen aan hun hoofd en gelukkig heb ik geweldige vrienden waar ik mee kan praten of schrijven.

Ik heb mijn laatste gesprek van de diagnostische fase (de fase waarin gediagnosticeerd wordt of ik wel/niet genderdysfoor ben) en in aanloop van dit gesprek heb ik vorige week de meest open en kwetsbare mail ooit gestuurd naar mijn psycholoog. Over zaken uit mijn jeugd, over onderdrukte en verstopte woede en over verloren herinneringen. Ik vond dat erg moeilijk en maak me ongerust.

Na dit gesprek zal ik nl. besproken worden in het Genderteam en zal er een beslissing genomen worden over mijn toekomst. Er zijn drie opties:
1. Groen licht, d.w.z. je mag door naar de volgende fase, de zgn. RLE-fase (the real-life experience in combinatie met hormoonbehandelingen)
2. Oranje licht d.w.z. ja je bent genderdysfoor/transseksueel, maar je moet eerst nog wat andere problemen oplossen, of
3. Rood licht d.w.z. nee, je bent niet genderdysfoor, je hebt een ander probleem. Hier stopt deze weg.

Ik heb het gevoel dat mijn leven afhangt van de beslissing die genomen zal worden. Overdreven, ik weet het, maar zo voelt het. Alleen groen licht telt voor mij. De andere kleuren, die passen gewoonweg niet en ik ben bang. Bang dat ik niet goed begrepen ben. Bang dat er menselijke fouten gemaakt zullen worden. Bang dat er iets onverwachts gebeurt. Heb net de ervaring gehad met die baan, die ik al leek te hebben, daar kon toch eigenlijk ook niet meer mis gaan?

Als ik rustig ben, dan denk ik dat het heus wel mee zal vallen, dat ik een goede indruk gemaakt heb bij mijn psycholoog, maar de angst blijft. Pas als ik groen licht heb geloof ik het.

We beginnen het gesprek. Ik snap het niet. Krijg een raar gevoel. Waarom gaat ze op de oude voet verder? Waarom stelt ze van die rare vragen? Waarom begint ze niet over mijn rapport? Ik vraag haar of ze mijn mail wel gelezen heeft. Ik had om een ontvangstbevestiging gevraagd en die gekregen, dus wat is er aan de hand? “Mail, welke mail?” vraagt ze verbaasd “Er staat inderdaad wel in mijn aantekeningen dat je een mail zou sturen!”

Het blijkt dat de receptionist, waar de mail binnenkomt, want het is niet mogelijk rechtstreeks te mailen naar je eigen psycholoog, mij wel mailde dat hij het doorgestuurd had, maar slechts het rapport geprint had. Het pakketje lag nog doodleuk in een bakje op zijn bureau. Sorry, foutje!

Het lijkt wel of de grond onder mijn voeten wegzakt. Ik was zo onrustig voor dit gesprek en nu dit. Ik ben enorm teleurgesteld en reageer emotioneel. Ik geef aan dat ik geen gesprek wil voordat ze deze informatie goed gelezen heeft, want het is essentieel. Het zal veel duidelijk maken. Het zal antwoorden geven op vragen die ze nog had, antwoorden die belangrijk zijn om een goed verhaal te hebben voor het Genderteam.

Mijn psycholoog ziet dat dit me enorm raakt. Ik zeg haar nog niet dat ik nog eens extra teleurgesteld ben omdat ik bij mijn moeder had willen zijn, maar dat leg ik vrijdag wel uit. Gelukkig heeft ze kunnen schuiven in haar agenda en kan ik morgen, vrijdag, opnieuw op gesprek. Een geluk bij een ongeluk, ik hoef niet nog eens maand extra te wachten en in spanning te zitten.

Morgen zal ik er zijn. ZIJN. En dan moet alles gewoon goed komen. Punt. (zeg ik stoer)