Tagarchief: rust

Gedwongen vakantie

Gedwongen vakantie.
Ik zit namelijk weer zonder werk.
Luister en huiver.
En juich!

Zoals ik schreef in mijn blogpost One of the boys was het me gelukt om (zo goed als) passabel een baan te verwerven. Ik was de koning te rijk. Weg dat afschuwelijke ‘zwaard van Damocles’ dat financiële onzekerheid heet. Met recht een nieuwe start. Eindelijk h e l e m a a l Rick.
Wat een geweldige overwinning. 

Vol goede moed en met alle inzet van de wereld startte ik de interne opleiding die nodig was om deze job uit te kunnen voeren. Een gedegen voorbereiding was nodig, ik moest veel parate kennis hebben en uitgebreide protocollen uit mijn hoofd leren. Veel stampwerk dus, maar ik zou dit varkentje wel even wassen.

Jezus, wat viel dát tegen. Ik werd overladen met informatie, had lange trainingsdagen, onregelmatige werktijden (vaak om 04.30 op), veel reistijd en al voel ik me piep en vol energie, ik merkte toch wel dat ik geen achttien meer ben. Ik liet me daar echter niet door ontmoedigen, al was het behoorlijk uitputtend en soms nogal frustrerend.

Na twee weken opleiding kreeg ik plotseling een telefoontje van een oude werkgever waar ik nog een sollicitatie had lopen, maar eigenlijk niet meer aan gedacht had. Vorig jaar had ik daar heel graag willen beginnen, maar ik werd tweede na een intensieve sollicitatieprocedure en het was toen best een hele dobber om dat te verwerken (lees: ik was hevig teleurgesteld en tegen het depressieve aan). Ik werd uitgenodigd voor een open dag om het bedrijf te leren kennen en door middel van speeddates kennis te maken met enkele werknemers. Daar ik het bedrijf al ken, ik had daar immers al negen maanden ingevallen wegens ziekte, deel ik mee dat ik zeker interesse heb om te solliciteren, maar nu geen tijd vrij kan maken voor zo’n dag. Ik heb nu namelijk zo goed als zeker een baan en daar moest ik het natuurlijk nog maar zien. Bovendien, wat zouden mijn kansen nu zijn? Ik schatte ze niet zo groot in met zoveel concurrentie en bij een andere directeur die ik wel eens gezien had, maar niet echt kende.

Gelukkig was mijn afwezigheid op die dag geen reden voor de directeur om me niet uit te nodigen voor een persoonlijk sollicitatiegesprek. Ondertussen ging mijn opleiding natuurlijk gewoon door. Het bleef enorm bikkelen en afzien. Gelukkig hadden ze zelf wel gezien dat het allemaal te intensief was en ik kreeg toestemming om het examen uit te stellen. Ze waren ervan overtuigd dat ik deze functie aankon, maar het was gewoon allemaal te veel in zo’n korte tijd en er waren een aantal zaken die niet goed liepen. Door technische problemen was het o.a. niet mogelijk om goed te kunnen oefenen in een proefsituatie met de systemen die je wel feilloos onder de knie moest hebben.

Vooral nieuwsgierig ga ik op sollicitatiegesprek. Als man naar binnen bij een organisatie die ik twee en een half jaar geleden als vrouw verlaten had, al worstelde ik toen wel enorm met mijn identiteit en was de geest uit de fles, al hadden ze daar geen weet van. Eigenlijk dacht ik dat ik geen schijn van kans maakte voor deze functie, hoewel ik hem al eerder bekleed had. Dat was immers bij die andere directeur en er waren stapels met sollicitatiebrieven ontvangen van goede kandidaten. Maar wat maakte het ook uit, ik had niets te verliezen en had toch al een baan. Alleen nog even dat examen dan. Ik wist dat het moeilijk zou zijn en dat het percentage afvallers bijna 50% was, maar ik schatte mezelf zeker in staat het goed af te ronden, wat mijn opleiders overigens ook beaamden.

Het sollicitatiegesprek verliep werkelijk geniaal. Er was een enorme klik tussen deze directeur en mij en we zaten totaal op één lijn. De functie was nog veel leuker dan ik had gedacht omdat ze liet doorschemeren dat er ook allerlei andere mogelijkheden voor me zouden zijn bij een nieuw te openen vestiging. Ik zou aan het werk gaan in een geheel nieuw te formeren team dat met heel veel zorg door haar was samengesteld met een visie waar ik helemaal achter sta. Superenthousiast en met een heel goed gevoel verliet ik het gesprek. Wow, hier was ineens een andere optie ontstaan, dat kon haast niet anders. Straks zou ik nog kunnen kiezen uit twee banen! Eigenlijk drie, want mijn werkgever van het afgelopen jaar belde me ook of ik nog terug wilde komen, maar dat vond ik minst interessante optie.

Drie dagen daarna het verlossende telefoontje. “Geen enkele twijfel, ik wil jou in mijn team!” zegt mijn nieuwe directeur. Ik spring een gat in de lucht, deze baan past veel beter bij me, is voor langere tijd, misschien t.z.t. wel voor vast en biedt meer mogelijkheden voor de toekomst. Bovendien dicht bij huis en ideaal te combineren met de schooltijden van mijn kinderen en eventuele andere zaken die ik wil gaan ondernemen. Ongelooflijk hoe dingen dan ineens kunnen gaan lopen. Je hebt niets en dan ineens de keus uit drie banen en de leukste en de beste in the pocket.

De ingangsdatum van deze baan echter pas per 1 oktober, misschien zelfs later, maar dat maakte me niet zo uit. In de tussentijd had ik natuurlijk die andere baan. Alleen nog even dat examen dan. Maar dan gebeurt er wat ik nooit verwacht had. Ik zak voor het examen. Als een baksteen. Niet eens een herkansing. Van de één op de andere dag sta ik op straat, want zo werkt dat als je via een uitzendbureau wordt geplaatst. Ik kan het niet geloven. Moet minstens vier dagen als een halve mongool met open mond rond hebben rondgelopen. Nog nooit ben ik gezakt voor een examen. Nog nooit ben ik ontslagen vanwege ondermaats presteren. Nu dus wel. Ik baal als een stekker. Hoe kon dit gebeuren?

Natuurlijk heb ik  g o d z i j d a n k  een betere baan in het verschiet, maar dat wil wel zeggen dat ik minstens drie maanden geen inkomsten heb als ik niets anders vind in de tussentijd. Dat wordt dus wederom interen op mijn spaargeld. Balen. Na een dag of vijf lukt het me echter om de situatie te accepteren zoals die is en de voordelen ervan in te zien. Ik ben nu vrij. Voor het eerst in jaren ‘moet’ ik niets en heb ik geen druk van per se moeten solliciteren, van psychologische tests, van lichamelijke onderzoeken, van operaties, van herstel, van wat dan ook…
lekker-lanter-fanten-CoachSander.nl_Wat een ruimte,
wat een rust,
wat een vrijheid.
Wat een cadeau!

Zo zie ik het dan maar. Ik heb vervolgens een heerlijke twee weken bijna fulltime met mijn kinderen voordat ze vijf weken naar het buitenland vertrekken om de zomer door te brengen bij mijn ex-schoonfamilie. We genieten. Het is echt heerlijk. Quality time met een hoofdletter. Wat ben ik dankbaar voor deze extra tijd zo samen, helemaal nu ze zo lang weg zijn.

Later analyseer ik wat er precies gebeurd is. Hoe dat examen ging. Ik was haast niet zenuwachtig, daar lag het dus niet aan, maar alles wat mis kon gaan ging mis. Ook wat nog nooit eerder mis ging. Het was een praktisch examen en zelfs het inloggen in het systeem ging niet goed. Een enorme blonde actie, want hoe kan zoiets nou mis gaan? Gewoon computer aandoen met wachtwoorden. Vijf schermen dat wel, maar toch? Zou ik onbewust aangestuurd hebben op deze mislukking? Ik zal het nooit weten, maar vreemd is het allemaal wel. Zoiets heb ik echt nog nooit meegemaakt.

Het resultaat is nu dus dat ik gedwongen vakantie heb, waarin ik tijd heb om te lanterfanten, te lanterfanten en te lanterfanten, de kamers van mijn kinderen te schilderen, af te spreken met vrienden, te sporten (ja, ik ben er weer mee gestart), te lezen, te schrijven en vooral te genieten. Een ongekende weelde en misschien is dat wat ik eigenlijk wel heel erg nodig had na al deze jaren van kei- en keihard vechten om te komen waar ik nu ben.

En  mijn nieuwe baan? Weer een meevaller, die start eerder.
Hoogstwaarschijnlijk per 1 september aan de slag. Het kan niet beter.

.

.

.

Advertenties

Het klopt!

Na ruim twee maanden gebruik van T …

Ja, je leest het goed, om precies te zijn is het vandaag, 15 december, mijn 71e dag aan de T (testosteron). De laatste blogs heb ik geschreven met terugwerkende kracht omdat ik om verschillende redenen niet in staat was om eerder te schrijven. Eén ervan was dat ik in de gevoelloze fase gewoonweg niet kon communiceren en niet wilde communiceren. Die fase heeft overigens niet al te lang geduurd gelukkig.

lege tube TIn een woord: FANTASTISCH!

Het klopt. HET KLOPT!!! Het lijkt wel of alles nu op z’n plaats valt en ik nu krijg wat ik mijn leven lang ongemerkt miste. Heel bijzonder wat het juiste hormoon in een lichaam teweeg kan brengen. Ik voel me zó ontzettend goed, kan niet anders zeggen en dat is nu al ruim een maand zo. Heb een enorme rust in mijn hoofd, voel me stevig en in balans. Ik voel me ik.

Het was even behoorlijk schrikken toen ik me letterlijk en figuurlijk zo gevoelloos voelde, maar tegelijkertijd vertrouwde ik er ook op dat het wel goed zou komen. Ik wilde gewoon even met rust gelaten worden en niemand  die zich er tegen aan zou bemoeien en inderdaad, het is gebleken, het had gewoon even tijd nodig. Ik moest even wennen, me even resetten. Zoiets.

Sandra, die het tegenovergestelde proces meemaakt zegt het mooi: “Nuchterder. En wat meer seks door mijn lijf.” Gevoelloos ben ik zeker niet meer. Het voelt vooral puur en natuurlijk. Niets gemaakts meer. Rust in mijn hoofd. Een twittervriendin voegde mooi toe in een DM: “mannen voelen een boel dingen heel anders (aan) ja; maar een verarming is ’t niet echt….eerder een “niet druk maken over onbelangrijke dingen” (waar vrouwen nogal eens een overdreven punt van maken 😉 ) …” Heel raak verwoord door haar.

En dan de lichamelijke veranderingen. Ik vind het echt bizar. In zo’n korte tijd zo veel verandering. Dat had ik niet verwacht, nadat ik de informatie van de Genderpoli had gelezen. Zoals ik al schreef in mijn vorige blog ‘Klootzak’, DIRECT effect; grotere  en hardere spieren en een betere conditie. En dat is fijn, dat je meteen al merkt dat er iets gebeurt. Ik had gehoord van een andere transman dat het allemaal heel lang duurt, bij mij dus niet. Zo zie je maar weer, iedereen is anders en uitzonderingen bevestigen de regel.

Dames, om jullie even jaloers te maken (ja, echt leedvermaak): Ik ben in iets meer dan twee maanden bijna geheel van de cellulitis af! Geen putjes meer in mijn benen. Daarnaast ook geen meezwabberend vel meer onder mijn bovenarmen als ik zwaai. En wat ben ik trots op mijn spierballen.

Niet fraai om te zien, maar wel te zien (maar ik kijk er toch niet naar en ze gaan er te zijner tijd af) mijn tieten worden ook al slapper. Mannen hebben nu eenmaal minder vet. Straks cup E theezakjes denk ik. Gruwel.

En… ook heel geestig… Mijn spijkerbroek staat niet meer gespannen over mijn billen. Net onder mijn billen heb ik nu een klein beetje lubberende stof, wat je zo vaak ziet bij mannen. Van volle vrouwelijke billen naar een afgeplat achterwerk. Haha, ik ben er blij mee!

 

Het uur T

Na mijn paniekaanval is de rust weer terug gekeerd. Mijn beslissing was simpelweg de juiste; ik doe niets, maar dan ook niets wat niet goed voelt of waar ik niet achter sta, hoe raar dat misschien ook lijkt nadat ik zoveel in gang gezet heb. Ik vond vooral even dat ik het voor mezelf niet kon maken om eventueel te stoppen met mijn transitie. Dat zou toch niet te verteren zijn na alles wat het teweeg gebracht heeft?

Ik slaap heerlijk en dan is dé dag aangebroken. Als alles goed is ligt de T (testosteron) nu klaar bij de apotheek. In alle rust sta ik op en ga ik er naar toe. Het valt me op dat ik nu helemaal niet nerveus ben. En waarom ook? Ik haal de doos alleen maar op. Nog steeds weet ik niet of ik ga smeren of niet. Eigenlijk interesseert me dat ook nog niet. Ik wil het gewoon in huis hebben en dan zie ik wel wat er gebeurt.

De doos staat klaar. Genoeg voor een maand. “We geven u niet meteen 100 tubetjes mee” zegt de apothekersassistente “eerst maar eens kijken of u er tegen kan”. Lijkt me een goed plan en met 30 tubetjes Testim (“We geven u geen Androgel, maar een ander merk, wat hetzelfde is” en dat geloof ik dan maar) en een herhaalrecept loop ik de deur uit.

Testim

Thuis aangekomen maak ik de doos rustig open. Dertig grappige kleine tubes. Ik lees de gebruiksaanwijzing aandachtig door. Iedere dag een tubetje smeren op bovenarmen, schouders en rug. Ik lees  wat ik moet weten over Testim voordat ik het ga gebruiken. Ik lees over de mogelijke bijwerkingen. 50 mg testosterongel per dag. Dát gaat het verschil maken. Toch ongelooflijk hoe dat werkt en wat hormonen kunnen doen!*

Terwijl ik hier mee bezig ben, voel ik een enorme rust en vrede in mezelf. Al lezende valt de beslissing als vanzelf. Dit is mijn weg. Geen twijfel meer. Geen bedenkingen. Geen angst. Gaan.

Langzaam ontbloot ik mijn bovenlijf, pak ik een tubetje en prik ik het open met de achterkant van het dopje. Het ruikt heel sterk, alcoholachtig, maar dat is ethanol lees ik later. Ik hoef niet meer te denken, het is goed, ik ben klaar voor de volgende stap. Langzaam smeer ik de dunne gel op mijn rechterschouder. Het wordt verrassend snel en gemakkelijk opgenomen door mijn huid. Ik had van te voren gedacht dat het een vervelende lange handeling zou zijn van lang inmasseren en plakkerig gedoe, maar het tegendeel is waar. Het is zo gepiept. Dit is een eitje!

Ik ben begonnen. Het is begonnen. De eerste dag van nog meer vrijheid. Tenminste daar vertrouw ik op, want in feite is het een incognito, ik weet niet precies hoe ik ga reageren op de dagelijkse dosis T, hoe deze ‘puberteit’ zal zijn, ik weet niet hoe ik ga veranderen, ik weet niet wat de effecten precies zullen zijn. Ik weet alleen dat het onomkeerbaar is en dat ik er vrede mee heb. Het uur T is daar!

 

*wat doet T (testosteron) precies? Hoe gaat die zgn. masculinisatie in zijn werk?
Te verwachten effecten: acné (na 1 tot 6 mnd, max. 1 tot 2 jr), baardgroei en lichaamsbeharing (na max. 3 tot 6 mnd, max effect na 3 tot 5 jr), hoofdhaar- en haarverlies (na 12 mnd, genetisch bepaald), toegenomen spiermassa en kracht (na max. 6 tot 12 mnd, max effect na 2 tot 5 jaar), vetredistributie (na max. 3 tot 6 mnd, max. effect na 2 tot 5 jaar), stoppen menstruatie (na max 2 tot 6 mnd), clitorisgroei (na max. 3 tot 6 mnd,  max effect na 1 tot 2 jr), vaginale atrofie (na max 3 tot 6 mnd, max. effect na 1 tot 2 jr), daling stemgeluid (na max 3 tot 4 mnd, max. effect na 1 tot 2 jr) 

Op naar groen licht?

29 augustus 2013

Op deze dag neem ik een enorm belangrijke beslissing. Ik besluit te stoppen met vechten. Niet dat dat meteen lukt en alles gladjes verloopt, maar er verandert sindsdien veel. Tussen besluiten en uitvoeren zit namelijk nog wel een hele stap, maar langzaamaan lukt het steeds beter en de eerste stap is vaak de belangrijkste. Ik word steeds meer mezelf, geef steeds meer openheid en voel steeds meer vrede in mezelf. Ik ervaar een wereld van verschil tussen toen en nu en steeds vaker ervaar ik authentieke geluksmomenten en voel ik me héél gelukkig, ondanks de hobbels en forse tegenslagen die op mijn pad komen. 

29 augustus 2014

Ik heb het laatste gesprek met mijn psycholoog in de diagnostische fase. In tegenstelling tot de maandag daarvoor, waarop het gesprek plaats had moeten vinden en ik slecht in mijn vel zat en erg nerveus was, ben ik vandaag rustig en vol zelfvertrouwen. Ik voel slechts een heel klein beetje gezonde spanning, maar die verdwijnt al snel als sneeuw voor de zon. Ik eindig de diagnostische fase zoals ik die begonnen ben. Ik ben de rust zelve.

Mijn verhaal is goed overgekomen. Met mijn rapport zijn de laatste puzzelstukjes aangereikt en is de puzzel compleet. Het wordt een mooi en indringend gesprek. Ontspannen en hoopvol. Mijn psycholoog gaat me voordragen aan het team. Het team dat gaat beslissen of ik nu ook eindelijk man ‘van buiten’ mag gaan zijn.

Ze heeft er een goed gevoel bij: “Dat kan ik je wel vertellen met alle ervaring die ik opgedaan heb de laatste tien jaar als psycholoog op de Genderpoli”. Het Genderteam neemt uiteindelijk de beslissing, maar je wordt alleen voorgedragen als je eigen psycholoog ervan overtuigd is dat je groen licht moet krijgen. 

Wat een heerlijk gevoel toen ik de spreekkamer uit liep. Weer een fase afgerond!  Klaar met moeilijke psychologische tests, gesprekken en onderzoeken. Ik vond het zwaar en uitputtend, vaak oneerlijk en ik voelde me overgeleverd aan het systeem en de protocollen, maar heb het doorstaan. Op naar groen licht!

5 september a.s. het verlossende woord.  

Geen bericht, goed bericht?

Het is stil rondom mij. Stil op mijn blog, maar vooral stil op twitter. Het valt een aantal mensen op, want meestal laat ik wel wat van me horen. Ik krijg vragen. Soms in het openbaar, vaak via DM (direct messages, privé-berichten die niet te lezen zijn voor anderen). “Goh, ik hoor niets van je, gaat het wel goed?”

Het gaat niet goed. Of laat ik zo zeggen, ik ben er van overtuigd dat wat er nu met me gebeurt ergens goed voor is, maar bepaald lekker gaat het niet met me. Ik gooide gisteren nog wel de volgende tweet de ether in (met schrijffouten en al, maar dat zie ik nu pas)

want zo voel ik me nu tijdens deze reis op weg naar mezelf. Ik beklim momenteel een berg die zo steil is dat ik totaal buiten adem ben en niet meer kan praten met anderen, daarvoor moet ik eerst weer bijkomen, er voor zorgen dat ik weer gewoon kan ademen en niet meer naar lucht hoef te happen. Vandaar die stilte, eigenlijk een ademtekort.

Er is veel gebeurd de afgelopen weken hier in huis. Mijn man is een week weg geweest naar zijn familie in het buitenland. Ook zijn familie is nu op de hoogte dat ik als man verder wil leven en dat daardoor ons huwelijk en gezin ontwricht zijn. Van buiten ziet het er nog leuk uit, maar dat is slechts schone schijn en nog van korte duur.

De dag na zijn vertrek heb ik een heel fijn gesprek met een goede vriend van me. “Rick, je bent veel moeier dan je in de gaten hebt, als ik je een advies mag geven, dan zou ik je aanraden er even tussenuit te gaan, want zo hou je het niet vol.” De volgende dag schrijf ik hem dat ik denk en vooral voel dat hij gelijk heeft en dat ik per direct besloten heb om het heel rustig aan te doen. Waarom zou ik het uitstellen? Ik ben nu toch een week alleen met de kinderen, ik heb de tijd en de ruimte bijna alleen voor mezelf.

Maar dan gebeurt het. Vrijwel meteen. Wat is het toch boeiend hoe het menselijk lichaam werkt! Ik laat de ontspanning toe en merk tot mijn schrik dan pas dat ik werkelijk uitgeput ben. Ik kan niet meer. De tranen hoog de hele dag. Mijn lontje kort. Totaal geen energie en overzicht. Ik geef me eraan over, doe even helemaal niets, maar merk dat dit niet zomaar over zal gaan in een paar daagjes. Het afgelopen jaar heeft zijn tol geëist. Een lang jaar waarin ik mijn man alle ruimte en tijd heb willen geven om de nieuwe situatie een plek te geven, maar dat is totaal mislukt helaas.

Ik besluit een afspraak te maken met de huisarts. Ze geeft me iets om beter te slapen zodat ik in ieder geval uitrust en ze raadt me aan psychologische hulp in te schakelen bij de zware beslissingen die ik nu moet nemen. Wanneer en hoe vertellen we het de kinderen? Ik heb een appartement gevonden, maar wanneer ga ik weg? Of wie gaat er eigenlijk weg? Hoe gaan we alles regelen? Enz. enz. Er zijn zo veel vragen. Ik zit zo vol dat ik dat niet goed zelfstandig kan bedenken. Heb het gevoel dat ik aan het zwemmen ben, het land al in zicht zie, er bijna ben, maar net voordat ik de kust bereik naar beneden getrokken word. Ik spartel en spartel om maar boven water te blijven, maar kom niet meer vooruit, terwijl ik het gevoel heb te verdrinken. Het voelt heel benauwend.

Ook zegt ze dat ik echt rust nodig heb en de dingen die me de meeste stress veroorzaken, zoals bijv. solliciteren, even moet laten voor wat het is, dat gaat nu toch niet werken. Vanaf vorige week donderdag heb ik een stuk beter geslapen. Voel ik me relaxter. Laat ik de boel de boel even en krijg ik vrijwel meteen zin in beweging, terwijl ik daarvoor moeilijk in beweging te krijgen was. Ik ga sporten. Drie dagen achter elkaar sport ik flink. Ik loop krom van de spierpijn, maar het voelt goed. Ik voel me groeien. Ik zorg goed voor mezelf. Ik beweeg. Ik krijg weer adem. Stuur weer wat tweetjes. Ik voel me blij.

En dan… gistermiddag. Ik voel me beter dan in tijden. Ben hoopvol gestemd. Ik wil achter mijn laptop gaan zitten om wat uit te schrijven voor de psycholoog, dat heeft ze me namelijk gevraagd. Mijn man, die in de buitendienst werkt komt even aanwippen en hoe het kwam weet ik niet, maar hij maakt een opmerking die me totaal uit het lood slaat. Een opmerking die hij al vaak gemaakt heeft en die ik altijd van me af heb kunnen laten glijden “Jij hebt hier toch voor gekozen!” Ik kan het ineens niet meer verdragen. Ik heb er niet voor gekozen een man te zijn in een vrouwenlichaam! Ik kies er niet voor dat ons gezin uit elkaar valt. Ik kies er niet voor om mijn man verdriet te doen. Ik kies er niet voor om werkeloos thuis te zitten.

Ik breek. Geen moment had ik verwacht dat dit kon gebeuren. Niet nu in ieder geval. Ik begin te huilen. Onbedaarlijk te huilen, zoals ik dat nog nooit gedaan heb. Ik moet rare geluiden gemaakt hebben. Oergeluiden haast. Alles wordt donker. Het hoeft voor mij niet meer. Ik wil niet meer. Op dat moment vind ik het niet erg dood te gaan. Overal mee te stoppen. Ik huil en huil en huil. Kan niet stoppen. Iedere keer begint het weer opnieuw. Het komt vanuit mijn binnenste binnenste. Het komt en het komt, het stopt niet. Mijn man is zo ongerust dat hij zelfs mijn vader (gepensioneerd arts) belt, die meteen komt. Mijn man huilt ook, probeert me te troosten, zegt dat hij niet wil dat me iets overkomt.

Langzaamaan kom ik weer tot rust. Herstel ik weer. Droog ik mijn tranen. Neem ik een douche. Ga ik over tot de dingen van de dag. Koken. Eten met de kinderen. Een belangrijke vergadering in de avond, die me inkomsten op kan leveren. Ik voel me wankel, maar ik ga. Ik wil door, ik moet door. Ik wil leven. Een leven waar ik niet voor gekozen heb, maar dat ik toebedeeld krijg en dat ongetwijfeld mooi zal zijn. Te zijner tijd. Daar blijf ik van overtuigd, alleen is deze klim tijdens mijn reis even zo zwaar dat ik adem te kort heb. Maar zoals ik schreef in mijn tweet, het komt goed mensen. Echt!!!

Waarom? Omdat ik kies voor het Leven. Leven met een hoofdletter L. Daar kies ik wel voor.

Verpletterend geheim

De time-out. Even weg van huis. Het was goed. Om te ervaren. Een week lang alleen met mezelf en mezelf. Zijn. Het echte geluk gevoeld. Doorleefd. Intens. Ik was daar. Helemaal bij mezelf. Niet meer alleen. En nu ik er eenmaal ben geweest, weet ik waar ik hoor. Eindelijk thuis. Bij mezelf.

Nu terug. Ruim een week alweer. Thuis bij man en kinderen. Relatieve rust. We nemen een tweede time-out. Anders maar toch. Even de focus op andere zaken. Die ook belangrijk zijn. Nog geen definitieve knopen doorhakken. Nu niet, want wat we ook zullen beslissen, de consequenties zullen bijzonder pijnlijk zijn. Hoe dan ook.

Concentratie op werk, want ik heb momenteel nauwelijks inkomen. Wat freelance opdrachtjes hier en daar. Te weinig om financieel onafhankelijk te zijn.  En dat is wel nodig. Zeker nu. We maken afspraken, mijn man en ik. Even rust in de tent. Eerst werk, dan de rest.

Maar het geheim, mijn geheim, het weegt. Te zwaar. Hier in huis. Dat had ik niet verwacht. Deze nieuwe hobbel. Ik probeer het echt, maar merk, het verstikt me. Ik stik bijna. Ik kan niet meer. Het voelt loodzwaar. Verpletterend. Op mijn schouders, op mijn nek, boven mijn ogen. Ik word in elkaar gedrukt. Ik buig en buig en vraag me af, wanneer zal ik breken?

Mijn lontje iedere dag korter. Onredelijk doe ik tegen mijn man en onze kinderen. Het geheim maakt me lelijk en moe. Héél moe. Ik slaap veel. Niet om uit te rusten, maar om de werkelijkheid te ontvluchten. Om rust te vinden. Daar in mijn dromen.

snelkookpanHet borrelt en borrelt in me. Met ongelooflijke kracht. Onbedwingbaar. Onontkoombaar. Het moét eruit. Het voelt als een snelkookpan. Het duurt een tijdje, maar op een gegeven moment spuit de stoom uit het tuutje. Hoor je het sissen. Scherp. Onophoudelijk. Met een enorme kracht. Natuurkracht, niet door mensen te bedwingen.

De druk binnenin mij wordt steeds groter. Het vuurtje onder de snelkookpan staat misschien iets lager nu, maar koken gaat het zeker. Er is geen ontkomen aan. Het moet eruit. Mijn geheim.  Het vermorzelt me zo langzamerhand.

Er komt een dag dat ik zal breken. Als ik zo door ga. Dat wil ik niet. De man moet eruit. Helemaal. Ook hier thuis. Juist hier thuis. Ben liever een verstoten man, dan de geaccepteerde vrouw.

Balans

Ik maak de balans op. Vijf dagen geleden ben ik uit huis vertrokken. Tijdelijk weg bij mijn man, mijn zoon en mijn dochter. Vier nachten in een vreemd huis, in een vreemd bed, in een huis dat geen thuis is.

Bij het afscheid van mijn gezin doe ik stoer en vrolijk, we hebben verteld dat ik een tijdje ga logeren in het huis van K., die op vakantie is. Het is belangrijk dat ik zo snel mogelijk een nieuwe baan of meer werk vind en thuis kan ik me niet goed concentreren. Geen leugen, maar niet de hele waarheid. De kinderen hebben er nog geen idee van dat ik in transitie wil, dat ik niet langer meer wil leven met mijn vrouwenlijf. Ik vertrek omdat mijn man en ik een time-out nodig hebben, anders gaan we er aan onderdoor.

De kinderen snappen het. Mijn zoon zegt dat het een goed idee is, “Je hebt ruimte nodig mama!” Ik ben verbaasd over zijn wijze opmerking. Hij voelt het haarfijn aan. Mijn dochter moet een beetje huilen, “Ik zal je missen mam!”

Aan het einde van de straat, als ik uit het zicht van de kinderen ben, stromen de tranen over mijn wangen. Ik voel me opgelucht en kloten tegelijk. Dit moet. Dit kan niet anders, maar het idee de aankomende week wakker te worden zonder mijn kinderen voelt als een open wond waar citroen in gedruppeld wordt.

Na mijn vertrek heb ik meteen een afspraak bij een cliënt, een fijne afleiding. Verstand op nul en gaan met die banaan. Dat lukt me goed. Als ik drie uur later het logeerhuis binnenkom is de confrontatie daar. Een donker en vreemd ruikend huis, onvindbare lichtknoppen, maar vooral een kille sfeer. Ik loop wat doelloos rond. Probeer mijn draai te vinden, maar vind die niet. Vraag me af hoe ik het hier uit kan houden. Huilend val ik in het vreemde bed in slaap. Mijn eigen kussen, dat ik meegenomen heb van huis, is het enige dat vertrouwd aanvoelt.

Slapen gaat niet zo best die eerste nacht, vooral omdat ik moet wennen aan het bed en omdat ik nog wat verkouden ben. Desondanks ontspan ik steeds meer en sta ik best relaxed op de volgende ochtend. Ik besef ineens goed dat ik nu echt tijd en ruimte voor mezelf heb. Dat is ongekend. Dat heb ik nog nooit meegemaakt. Ik ben nog nooit langer dan een nacht zonder mijn kinderen geweest en eigenlijk heb ik altijd wel iemand om me heen gehad.

Dit is belangrijk, van levensbelang, schiet het plotsklaps door mijn hoofd. Ik moet dit ervaren, ik moet ervaren wat het is om helemaal alleen te zijn. Ik moet niet bang zijn. Ik moet het gewoon laten gebeuren. Van te voren had ik nog gedacht dat ik af zou gaan spreken met vrienden of met mijn zussen, maar nu merk ik dat ik dat vooral niet moet doen. Deze tijd is voor me, myself and me.

En zo is het gegaan. Het is nu dag vijf en ik heb nog niemand gezien, alleen in de supermarkt, maar dat telt niet vind ik. En ik wil ook niemand zien. Alleen mezelf. En die zie ik. En hoe! Die zie ik echt. En ik voel me fijn. Met mezelf. Met mijn eigen ik. Mijn echte ik, helemaal Rick. Eindelijk.

Ik vind het best lastig uit te leggen wat er nou precies gebeurd is en gisteren voelde ik me haast schuldig om het geluksgevoel dat ik momenteel voel. Soms voel ik me gewoonweg overdonderd en begrijp ik niet dat dit kan. Ik heb nog nooit in mijn leven zo’n rust ervaren. Het is stil in mijn hoofd! Nu ik dit schrijf biggelen de tranen over mijn wangen. Van ontroering. Van ongeloof. Van geluk. Het is stil en ik voel ruimte. Het is zo leeg in me dat het vol is.

Ik ben hier alleen en ik zie en voel mezelf zoals ik ben. Vrij, ongedwongen en in rust. Er zijn geen mensen om me heen die me niet zien zoals ik ben of die me niet willen of kunnen accepteren. Er wordt niet op me ingepraat en ook mijn stem is er niet. Niet die stem in me die brult “ik kan zo niet verder, ik wil de waarheid op tafel, ik word gek van deze poppenkast, ik wil uit de kast.”

Natuurlijk mis ik de kinderen enorm, maar de ondraaglijke verscheurende pijn die ik verwachtte is er niet. Ik voel me echt heel goed. Ik slaap goed, ik adem dieper, mijn borstkas lijkt veel breder, ik voel me ontspannen, ik barst van de energie. Nooit was ik alleen, maar zo vaak voelde ik me eenzaam en alleen. Nu ben ik alleen, maar ik voel me niet alleen. Ik heb genoeg aan mezelf.

DE DEURBEL…

Tot hier had ik geschreven toen de bel ging. Mijn man staat voor de deur met onze zoon. Mijn zoon huilt. Hij mist me verschrikkelijk. Mijn moederhart breekt. Ik neem hem in mijn armen, troost hem, knuffel hem, stel hem gerust. We spreken af dat ik even mee ga naar huis. Ik eet wat met ze mee, help met huiswerk en breng de kinderen naar bed. Heerlijk is het om weer even bij ze te zijn, ze te voelen, naar ze te luisteren en ze te knuffelen.

Maar ook, ik voel meteen weer de druk en de onrust. Mijn man die opnieuw aandringt om alles bij het oude te laten. De stilte in mijn hoofd is abrupt verstoord. Als door een straaljager die laag over de vredige heide raast.

Ik heb wat te verwerken. Ik ben weer uit balans.