Maandelijks archief: mei 2014

Baan in het kwadraat

Twitter ontplofte werkelijk toen ik bovenstaande tweet plaatste. Ik was dan ook door het dolle heen en vele twitteraars met mij. Nog nooit kreeg ik zó veel reacties. Nogmaals aan iedereen dank voor de felicitaties, dat was echt geweldig.

Ja mensen, het is me gelukt. En hoe!!! Ik heb een baan en misschien wel twee. Open en eerlijk verkregen en helemaal als mezelf. Als een man, die er uitziet als een vrouw en hopelijk het laatste trimester van dit jaar gaat starten met de hormoonbehandeling waardoor mijn binnen- en buitenkant eindelijk langzamerhand met elkaar in overeenstemming zullen gaan komen.

Niet altijd gemakkelijk, maar eindeloos vertrouwen bleef ik houden ondanks de crisis, mijn leeftijd (Abraham onlangs ontmoet, toffe peer!) en mijn transseksualiteit. Ik geloof nl. dat deze drie zaken pas tegen je werken als je ook daadwerkelijk gelooft dat ze tegen je kunnen werken.

Na mijn les, waarover ik schreef in mijn blog “sollicileren“, wist ik het ineens, ik moest deze zaken gewoonweg in mijn voordeel laten werken. Een bepaalde leeftijd is namelijk ook synoniem voor ervaring/levenswijsheid en als transgender zie ik mezelf als ‘veranderdeskundige’ en om dat te kunnen zijn moet je toch wel over een aantal bijzondere eigenschappen beschikken, Zeer aantrekkelijk voor een werkgever, al zeg ik het zelf.

Ik heb mijn hart gevolgd. Ik heb het gedaan zoals het MIJ goed leek. Tegen vele adviezen in van o.a. werving- en selectiebureau’s, recruiters en sommige vrienden, die vonden dat té eerlijk zijn tegen me zou werken en dat ik niets hoefde te melden. Sinds ik merkte dat ik niet volledig uit de verf kwam als ik mijn verhaal maar half deed, besloot ik echter altijd open en eerlijk te zijn. Dat werkt namelijk bij mij, helemaal als je de zgn. nadelen om kunt buigen naar voordelen. Te lang had ik geleefd met mijn verpletterende geheim en die weg wilde ik niet nog eens in. NO WAY.

En zo deed ik het. Ik vertelde mijn verhaal. Verklaarde het gat in mijn CV.  Het waarom van het stopzetten van mijn eigen bedrijf en de enorm sterke motivatie die ik nu heb mijn nieuwe leven vorm te geven. Met het gevolg dat ik er naar alle waarschijnlijkheid dubbel voor beloond zal worden.

A.s. maandag ga ik aan de slag als ‘regelneef in een internationale omgeving’, me op het lijf geschreven, Een tijdelijke baan, die me onderdak biedt tot eind september. Bovendien ben ik dan ‘binnen’ bij een bedrijf met vele mogelijkheden, je weet nooit waar dat toe kan leiden.

Daarnaast heb ik heel veel kans weer parttime aan de slag te kunnen gaan als Managementondersteuner bij mijn oude werkgever, daar willen ze me heel graag terug na ruim een jaar van afwezigheid. De directeur en het team zijn het daar over eens. Ze bewonderden mijn openheid en de weg die ik al gegaan heb. Het is alleen zo dat ze verplicht zijn intern en extern te werven, dat schrijven de protocollen nou eenmaal voor, dus theoretisch gezien zou er nog een kandidaat kunnen komen die geschikter bevonden wordt, maar daar ga ik niet van uit. Ze kennen me en ik ben ingewerkt in best ingewikkelde materie.

Nog even heel spannend dus, ik durf nog niet blij te zijn voor deze (vaste) baan, maar het ziet er goed uit. In september zal het dan even heel hard werken zijn (dubbele baan), maar v.a. oktober een baan van zo’n 24 uur per week, zodat ik tijd zal hebben om in alle rust in transitie te gaan en mijn bedrijfsidee uit te gaan werken. Want ik ben wel tot de ontdekking gekomen dat mijn hart ligt bij het zelfstandig ondernemerschap. Het bloed kruipt waar het niet gaan kan en daar zal ik echt helemaal gelukkig zijn, maar voor nu zijn deze banen precies wat ik nodig heb. Ze zijn de basis van waaruit ik verder kan gaan werken. Ik heb weer een stuk van mijn vrijheid herwonnen. Mijn financiële vrijheid wel te verstaan. YES!!!

PS. Ontroerend vond ik het dat de mevrouw van P&O me expliciet vroeg hoe ik wilde dat ik ingeschreven zou worden in hun werknemersbestand, als Roos of als Rick. Ik kon mijn geluk niet op.

Advertenties

Dertien

Dertien jaar geleden.
Ik kreeg je in mijn armen.
De volgende veertien dagen keek ik nergens anders meer naar.
Op slag verliefd.
Mijn jongetje.
“Mijn allerliefste mannetje” zoals ik je altijd noemde.
Dan kronkelde je van genot tegen me aan.
Mijn allerliefste mannetje. Dat was je.
En dat ben je.

Ik hou het kort.
Want samen houden we het altijd kort.
Veel woorden hebben we niet nodig.
Jouw aanrakingen,
nu vaak als niemand het ziet, want stel je voor,
jouw grapjes,
jouw gezichtsuitdrukkingen,
ze zeggen mij genoeg.

number_13Zelf had je het niet beter kunnen zeggen, die ene zin, die enige zin, een paar weken nadat je wist dat ik verder door het leven wil als man:

“Ach mam, zo erg is het allemaal niet, als je maar van mijn kleren afblijft!”

Wat hou ik van je, precies zoals je bent (Ja, ook als je lui bent en nukkig). En wat ben ik trots. Op jou en op je zus.

 x

Gefeliciteerd met je dertiende verjaardag!

x

x

De spiegel van mijn ziel

Van de week ineens die drang. Ik wilde weer eens ervaren. Hoe het was. Zien wat er met me zou gebeuren als ik lippenstift op zou doen. Daar ik al mijn make-up al geruime tijd geleden weggedaan heb, “leende” ik er eentje van mijn tante, bij wie ik in huis woon (lieve tante, als je dit leest nu, uit het laatje van de schuursleutel, heb niet in je spullen lopen rommelen hoor 😉 ).

Volkomen rustig smeerde ik het op. Behendig als altijd. Net als fietsen zal je dat wel nooit verleren. Vroeger ging ik namelijk zelden de deur uit zonder make-up. Ik vind dat nou eenmaal fijn, een vrouw die subtiel opgemaakt is en zich mooi maakt. Ik voelde eigenlijk niets. Zag wel dat ik ervan opknapte, maar ach… lekker belangrijk. Ik haalde het van mijn lippen af en ging verder met waar ik mee bezig was.

De laatste weken worstel ik nogal. Met mijn lijf. Meer nog dan daarvoor. Ruzie heb ik er mee. Ik walg van mezelf als ik in de spiegel kijk. Want als ik in de spiegel kijk zie ik een vrouw. Ik herken mezelf dan niet. Bovendien zie ik een vrouw zoals ik die zelf niet aantrekkelijk vind. Zonder make-up, in neutrale sobere kleding, in jeans of in aardse tinten. Mannelijk en aangepast aan mijn Rubensvrouwenlichaam met grote boezem. De kleding waar ik me op het moment het meest prettig in voel, want vrouwenkleding is totaal geen optie meer. Maar iedere keer schrik ik als ik kijk in de spiegel. Raar wijf.

Ik mis het om er goed uit te zien. Dat is het denk ik, bedenk ik me net. In een handomdraai zou ik er voor kunnen zorgen om er goed uit te zien. Wat make-up, een mooie blouse en een elegante broek, wat leuke schoentjes. Klaar. Dan zou ik het leuk vinden wat ik in de spiegel zou zien. Maar dan voel ik me weer afgrijselijk. Een man met vrouwenkleding.

Het is een nare strijd. Het kan op dit moment gewoon nooit goed zijn. Vrouwenkleding en make-up kan ik niet meer dragen. Die verdraag ik niet, maar met de kleding die ik nu draag zie ik er uit als een vrouw die ik totaal onaantrekkelijk vind.

Een half uurtje geleden probeerde ik het weer. Vraag me niet waarom, maar ik heb geleerd toe te geven aan dit soort invallen. Ze zijn altijd ergens goed voor. Ze willen me meestal iets vertellen. Lippenstift, oogpotlood, mascara. Wow, mijn gezicht knapte ervan op! Wat ik daaronder zag in mijn ogen afschuwelijk, vooral mijn tieten, waarvan ik weet dat er drommen vrouwen zijn die duizenden en duizenden euro’s uitgeven om die maat te verkrijgen, maar dat even terzijde.

Maar toen keek ik beter. Keek ik mezelf in de ogen. Diep. En schrok me halfdood. Ik schrok van mezelf. Van mijn blik. Niet om aan te zien. Wat een doodse en verdrietige ogen vol met pijn. Genoeg gezien.

Snel verwijderde ik de make-up en meteen keek ik weer in de spiegel. Mijn ogen duidelijk anders nu. Rustig, sereen, open en helder. Een vage glimlach op mijn gezicht. Geluk van binnen. Dit ziet er goed uit! Zo hoort het. Nu. Op dit moment van mijn reis. En ik weet, er zijn momenten dat ik dit uitstraal naar buiten en dan hoor ik zelfs “wat zie je er goed uit!”, vooral van de mensen die mijn verhaal kennen.

Terwijl ik dit denk schiet me een Spaanse uitdrukking te binnen: Los ojos, el espejo del alma (de ogen, de spiegel van de ziel). Beter omschrijven kan ik het niet.

Tel tot tien

.

Een twittervriend antwoordt me “Het afgelopen jaar heb je al een flinke dosis moed getoond. Wat maakt het dat het je nu zwaar valt?”

Goede vraag!
Is het zo, heb ik moed getoond? Alex Bakker, transman, historicus en schrijver van Mijn valse verleden zegt in een interview in het AD:

“Ik hoor vaak dat mensen mij moedig vinden. Maar het was niet moed met een d, maar moet met een t”

En zo is het. Niet langer toneel spelen, mezelf worden, dat was een moeten. Natuurlijk heb ik daarna wel beslissingen moeten nemen waar moed voor nodig was, maar ze ontsproten wel uit het moeten; mijn verpletterende geheim delen en in het diepe springen, omdat ik beslissingen moest nemen waarvan ik de consequenties niet kon overzien door de onvoorspelbare reacties van de vader van mijn kinderen.

Het afgelopen half jaar, nadat ik mijn kinderen vertelde wat er aan de hand is en waarna ik het huis moest verlaten omdat hun vader zich voor me schaamt en langer samen zijn onmogelijk was, is er van alles geweest; bevrijding, euforie, geluk, energie, initiatief, maar ook verdriet, moeheid, tegenslag, teleurstelling en soms moedeloosheid. Van alles wat, maar de weegschaal slaat absoluut door naar de positieve kant en er zijn zelfs heel wat momenten geweest van intens geluk.

Ik was bezig, ik was aan het bouwen, ik zocht oplossingen, ik was positief en gelukkig, in ieder geval het merendeel van mijn tijd. Eindelijk had ik mezelf bevrijd. Eindelijk nam ik echte zichtbare stappen richting daar waar ik hoor. Al doende en met vallen en opstaan leerde ik alleen te wonen, mijn gevoelens verder te onderzoeken, om hulp te vragen, er meer dan ooit te zijn voor mijn kinderen, hun vader meer en meer los te laten, te letten op mijn eten, te sporten, te solliciteren, me nog meer te openen, mijn verhaal te delen, te huilen en te lachen. Gelukkig kwam er ook veel humor op mijn pad. Voor mij van levensbelang.

Ik startte mijn traject bij het Genderteam van het VUmc en had het gevoel dat ik constant aan het bouwen was, aan het construeren, aan het creëren. Vrijheid, steeds meer vrijheid, daar waar ik mijn hele leven al naar op zoek was.

Er gebeurde heel veel, vooral ook de laatste paar maanden, terwijl ik dacht dat ik in rustiger vaarwater zou gaan komen nadat de scheiding wat ‘gewoner’ zou zijn geworden en we het leven weer op zouden pakken. Er zijn echter ook nog eens hele ingrijpende en verwarrende dingen op mijn pad gekomen, waar ik nog niet over kan schrijven. Ik heb er simpelweg de woorden nog niet voor of de tijd is nog niet rijp, maar dat komt, dat weet ik zeker.

Het afgelopen half jaar had ik het gevoel dat ik steeds in beweging was, handen uit de mouwen en gaan met die banaan. Beslissingen nemen, knopen doorhakken, kleine en grote stappen. Dat lijkt nu een beetje veranderd, al weet ik ook dat dat eigenlijk niet zo is, maar het euforische gevoel van het begin is weg geëbd en meer dan ooit voel ik dat ik afhankelijk ben van een team mensen dat gaat beslissen over mijn toekomst en ik moet me aanpassen aan hun ritme en aan hun regels.

Tot twee keer aan toe werd een afspraak afgezegd en dat is dan gewoon pech, want de afspraak die vervalt kan niet ingehaald worden (er staat een maal per maand een afspraak bij de psycholoog van het Genderteam, valt je afspraak uit dan vindt dat gesprek gewoon een maand later plaats, omdat de agenda’s zo vol staan dat er geen ruimte is voor dit soort onvoorziene zaken).

Er rest dus nog een lange weg van wachten en geduld hebben en dat valt me zwaar. Dat heb ik niet in de hand. Ik weet wat ik wil. Ik weet wie ik ben. Ik weet waar ik heen wil. Wachten vind ik dan heel lastig en moeilijk te accepteren. Ik heb het idee dat er zo maar weer een paar maanden van mijn leven gestolen wordt. Mijn leven dat ik proactief wil leiden. “Lijden of leiden, aan jou de keus!” zei een vriend me ooit. De keuze heb ik gemaakt.

Ben ik depressief? Nee!
Zwaarmoedig? Nee, dat ook niet.
Wat dan? Het valt me zwaar. Dat wat me nog te wachten staat. Die lange tijd die me nog rest met mijn gehate vrouwenlijf. Het vrouwenlijf dat iedereen in verwarring brengt en me zo in de weg zit. Dát. Om die tijd goed door te komen heb ik moed nodig. Veel moed. En geduld.

Grrrrr Rick, tel tot tien!
.
.
.