Maandelijks archief: februari 2014

Eén jaar Eindelijk Rick

Precies een jaar geleden schreef ik de eerste zinnen op dit blog. Ik had mijn man drie maanden daarvoor verteld dat ik het vechten moe was, dat ik niet meer verder kon en wilde leven als man in een vrouwenlijf en dat ik eindelijk wilde gaan leven zoals ik werkelijk ben. Met alle consequenties van dien, want ik vermoedde dat mijn man dat niet zomaar zou accepteren. Een vermoeden dat helaas maar al te waar geworden is.

Ik had drie dingen voor ogen met dit blog; communiceren met mijn man (want praten lukte niet of nauwelijks en schrijvend kan ik mijn gevoelens wel goed uiten), in contact komen met andere transgenders (ik was namelijk nog nooit andere transmannen of -vrouwen tegengekomen) en eventueel nog wat feedback ontvangen van andere mensen. Het was echter nooit mijn uitgangspunt om veel lezers te trekken of om te trakteren op literaire hoogstandjes.

Dit blog is van en voor mij, voor Rick, want schrijven zet dingen op een rijtje, geeft me de mogelijkheid mijn gevoelens te uiten en dient als uitlaatklep. Ik geniet ervan. Ik schrijf ook alleen als ik de drang voel om dat te doen. Heb dan ook geen idee hoe lang dit blog nog zal blijven bestaan, het is echt voor mezelf. Een puur egoïstische daad zou je het kunnen noemen (ja, ik leer het al!).

Nog steeds kan ik het niet helemaal bevatten wat een jaar bloggen en twitteren als ‘Eindelijk Rick’ me heeft gebracht. Zoveel mensen die oprecht geïnteresseerd zijn in mijn verhaal, zoveel reacties en zoveel steun. Sommige volgers die het aanvoelden wanneer ik het heel moeilijk had en me onverwacht privé-berichtjes stuurden om me een hart onder de riem te steken. Mensen die me (virtuele) cadeautjes stuurden in de vorm van humor, muziek, gedichten, quotes en foto’s. Volgers die ik ook IRL ben gaan ontmoeten. Transgenders die spontaan hun ervaringen met me deelden. Een twitteraar die me zelfs geheel belangeloos haar huis aanbood, zonder dat ze me ooit gezien heeft, Te veel om op te noemen. Het is werkelijk hartverwarmend en het heeft me enorm gesteund en gesterkt.

Geregeld zeiden mensen me “ik wou dat ik je kon helpen, maar ik kan slechts met je meeleven en je sterkte wensen”, maar juist al deze twitter- en blogvolgers hebben me gesterkt. Iedere kleine geste rechtstreeks uit het hart van iemand, ook al kende ik hem of haar nauwelijks ís groots, is een steentje dat heeft bijgedragen aan mijn succes, aan het volbrengen van dit barre gedeelte van mijn reis. Menselijke warmte, ook al is het virtueel, is altijd heel waardevol en ik ben ontzettend dankbaar dat ik dat heb mogen ontvangen.

Dat ik met dit blog ook andere mensen blijk te inspireren, dat vind ik werkelijke prachtig, maar is nooit mijn uitgangspunt geweest en is het nog steeds niet. Wel kom ik steeds meer tot de ontdekking dat dit blog eigenlijk gaat over ‘het jezelf worden en zijn’. Dat ik een transman ben is bijzaak.  Ontzettend veel mensen worstelen op allerlei verschillende manieren met het zichzelf kunnen zijn. Te pas en te onpas wordt er geroepen “Je moet gewoon jezelf zijn en je hart volgen!”, maar zeg eens heel eerlijk hoeveel mensen doen dat werkelijk? En jij, jij die dit nu leest, ben jij gewoon jezelf? Gewoon jezelf zijn is namelijk helemaal niet zo gewoon.

Gewoon jezelf zijn betekent je gevoel toelaten (inderdaad de fijne én de nare gevoelens), luisteren naar jezelf (veel moeilijker dan je denkt, omdat je vaak niet eens weet dat er iets te luisteren valt), je werkelijke behoeftes leren kennen (een hele klus), ontdekken, herkennen, erkennen, in je valkuilen stappen, er weer uit klimmen (en er vervolgens wéér invallen), experimenteren, angsten overwinnen, de confrontatie met jezelf aangaan, vallen en weer opstaan. Gewoon jezelf zijn kan alleen wanneer je jezelf accepteert en je van jezelf houdt, helemaal zoals je bent. As it is in heaven!

Advertenties

Lekker in bad

Ben grieperig en vandaag heb ik ook nog eens last van pijnlijke spieren. Weet je wat ik doe, denk ik, Ik ga lekker in bad. Eigenlijk dacht ik daar helemaal niet bij na, want ik ga nooit in bad, anders had ik het namelijk niet gedaan. Wat een ‘drama’.

Ik laat het bad vollopen met heet dampend water, ik kleed me uit en ga liggen. Neeeeeeee, daar had ik niet aan gedacht, zo zie ik mijn lijf helemaal en hartstikke naakt nog wel. Vooral die walgelijke memmen van me die zelfs boven het water uitsteken tussen het schuim door. Verdomme, waarom had ik daar nou van te voren niet aan gedacht?

Als ik in de spiegel kijk, dan bekijk ik tegenwoordig alleen nog maar het gedeelte boven mijn buste, mijn schouderpartij en mijn gezicht dus. Spiegels vermijd ik sowieso, want als ik mezelf toevallig eens helemaal zie, dan zie ik alleen maar enorme tieten, de rest valt in het niet. Het is afschuwelijk en ik wil dat gewoon niet zien, ik wil niet constant nog eens extra herinnerd worden aan mijn vrouwelijke verpakking.

Ik heb de neiging meteen weer uit bad te springen. Snel douchen dan maar en niet naar beneden kijken, maar het warme water doet mijn pijnlijke spieren zo goed. Ik denk aan wat ik altijd zeg en ook zoveel mogelijk navolg, je moet niet weglopen voor pijn of een nare emotie en %$#%$###&*Grrrrr hier heb ik me er toch één te pakken…

Ik wil mezelf niet zien, ik wil het niet voelen, ik wil niet wéér deze walging, dit klotegevoel, maar ik dwing me te blijven liggen, want ik realiseer me ook, ik moet hier iets mee. De afkeer voor mijn eigen lichaam wordt steeds groter en het zal nog heel lang duren voordat er echt iets aan gaat gebeuren of ik moet toch die loterij winnen of een geldschieter vinden (donaties welkom!!!).

Ik kijk naar mijn volle naaktheid en probeer helemaal binnen te laten komen wat ik voel, wat overigens niet helemaal lukt. Afkeer. Walging. Dat voel ik. Dit ben ik niet. Dit is een rotstreek. Dit is niet van mij. Ik blijf kijken en voelen, maar moet af en toe echt mijn ogen dichtdoen. Ik kan het niet aanzien. Ik krijg de neiging mezelf te pijnigen, mezelf te slaan of te krassen. Het zou niet de eerste keer zijn, maar ik doe het niet. Woede zit er. Zóvéél woede.

Er is niets mis met mijn lijf. Integendeel. Het is een gezond en best mooi vrouwenlijf, zoals Rubens ze geschilderd heeft met wulpse rondingen en zoals ik vrouwen ook graag zie. Inderdaad zoals IK vrouwen ook graag zie. Ik kijk graag naar vrouwenlichamen, ik vind ze prachtig, kan daar erg van genieten, maar niet bij mij. Integendeel zelfs, dan is het een ander verhaal. Mijn eigen lichaam is een waar martelwerktuig geworden.

Dat ik hier wat mee moet is duidelijk. anders wordt de wachttijd te lang en te ondraaglijk. Ik kan niet met opgekropte woede blijven leven. Lijkt me niet gezond. Voordat ik een keer in aanmerking kom voor een operatie ben ik denk ik wel twee jaar verder en ik wil niet weer mijn gevoel in de ijskast stoppen. Dat nooit meer.

Stap 1 is (h)erkennen dat ik woedend ben, hoewel ik me naar buiten toe rustig opstel en het maar een beetje weg lach met de opmerking dat het toch geen zin heeft om me er druk om te maken, dat het nou eenmaal zo is. Tsja, verstandelijk kan ik het allemaal prima beredeneren. Emotioneel is er nog het een en ander te verwerken. Dat is wel duidelijk. Ik ben razend en het zal me niets verbazen als hier nog veel meer onder zit, waar ik nu nog niet bij kan.

Badeendjes kopen maar?

Rectificatie?

ZusTwee is boos. Het klopt allemaal niet. Het is helemaal niet zo dat iedereen, behalve mijn man dan, fantastisch gereageerd heeft toen ik vertelde dat ik niet langer als vrouw kan leven en verder wil als man. Hoe kom ik erbij? Zoals het in mijn interview in het AD staat bijvoorbeeld, dat is gewoon niet zo, dat is een leugen!

Ik lees het artikel nog eens na en citeer

Ik heb het mijn ouders, zussen en een paar vrienden verteld en iedereen reageert fantastisch. “Ach lieverd toch” zei mijn moeder. “Mij maakt het niet uit, je bent gewoon mijn kind”. En “Heb ik toch nog een zoon!”

Ineens snap ik wat mijn zus bedoelt. IK vind dat iedereen fantastisch gereageerd heeft omdat niemand me verstoten heeft, omdat iedereen naar me luisterde, omdat niemand me voor gek verklaard heeft, omdat ik nog steeds overal welkom ben en iedereen me met respect behandelt. Dáárom vind ik dat mijn familie en vrienden fantastisch gereageerd hebben. ZusTwee vindt het allemaal niet zo fantastisch en daar heeft zij ook wel gelijk in. Er is namelijk ook verdriet, weerstand en zelfs woede.

Mijn moeder heeft dagen lopen huilen en is constant met mij, mijn man en de kinderen bezig. Mijn vader heeft weken lang niet kunnen slapen. ZusTwee was een behoorlijke tijd heel boos, mijn moeder heeft het bijvoorbeeld al zo moeilijk en dan dit er ook nog bij. Eén van mijn zwagers wil liever nog niet met me praten, bang om té kwaad te worden. Hij heeft niets tegen transgenders, maar vindt dat als je eenmaal kinderen hebt, je andere verantwoordelijkheden hebt. Sommige vrienden zijn ongerust om wat er allemaal nog gaat komen. Mijn kinderen zullen moeten wennen aan een heel ander leven. Inderdaad, er wordt heel wat overhoop gehaald.

Ik ben me hier heel erg van bewust. Ik wéét dat je dit niet zomaar even vertelt en dat het dan klaar is. Er komen veel emoties bij kijken, niet alleen bij mij, maar vooral ook bij de mensen waar ik van hou en die ook echt van mij houden. Ze krijgen namelijk ook heel erg met zichzelf te maken… Verwachtingen vallen in duigen, weerstanden moeten overwonnen worden, de toekomst ziet er ineens heel anders uit. En ja, dat kan pijn doen, dat kan inderdaad heel vervelend zijn en verdriet veroorzaken, dat weet ik echt wel en dat het niet altijd makkelijk is, dat weet ik ook.

Mijn man verwijt me vaak dat ik alles te positief zie, maar dat zie ik niet zo. Ik vind alleen wel dat verdriet en tegenslag nou eenmaal bij het leven horen en dat je daar niet al te dramatisch over moet doen. Pijn en verdriet wil ik niemand aandoen, maar soms kan het gewoon niet anders. Dit is een typisch verhaal van zachte heelmeesters maken stinkende wonden en ik wil geen zachte heelmeester zijn. Dat vergt moed, ik moest heel wat angsten overwinnen, maar als ik zacht te werk gegaan was, met halve maatregelen omdat ik bang was om anders ruzie te krijgen of verdriet te doen, dan had dat alleen maar geleid naar een situatie die nog erger zou worden. Dan was de hele situatie gaan etteren, in het begin misschien ongemerkt, maar daarna zou het een enorme stinkende ontstoken wond geworden zijn, dat weet ik wel zeker.

Ik ben er van overtuigd dat de schade nu tot een minimum beperkt gebleven is en dat we er uiteindelijk allemaal beter uitkomen. De tijd zal het leren, maar ik heb er in ieder geval alle vertrouwen in, niet als de optimist die ik ben, maar als een persoon die realistisch in het leven staat en de realiteit, met licht én donker, soms zelfs pikdonker, onder ogen durft te komen.

Met open armen

Weet je nog? Die vakantie in Steenwijk waar ik ’s ochtends totaal overstuur keihard heb geroepen dat ik een jongen wilde zijn? Dit gevoel is er nog steeds en het wordt alleen maar sterker, duwt zich meer en meer op de voorgrond. De kracht om het weg te duwen en verder te gaan met mijn leven is weg. Ik kan het niet meer. Keer op keer de vraag waarom ik niet gelukkig ben. De ontkenning van ik weet het niet. Ik weet het wel, maar ik was bang om er eerlijk voor uit te komen. Bang dat iedereen me voor gek verklaart en de mensen waar ik van hou me laten vallen. Is dat het wel waard? Eerst niet, maar nu wel, omdat mijn eigen leven niks meer waard is. 

Dit is de brief van Martin aan zijn moeder. Martin is één van de transgenders uit de televisieserie Hij is een Zij. Met mijn oom en tante zit ik op de bank het programma te bekijken. Ze wilden deze aflevering graag samen met mij zien. Ik vond het fijn dat ze me dat vroegen, maar tegelijkertijd toch ook wel eng. Deze serie is voor mij best aangrijpend en je weet van te voren niet wat te verwachten. Niet dat ik me schaam om mijn emoties te tonen, maar toch, het blijft soms lastig.

Mijn oom en tante hebben ongelooflijk liefdevol de bovenverdieping van hun huis, waar zich een klein en knus compleet gemeubileerd appartementje bevindt, aan mij beschikbaar gesteld. Dit is nu mijn nieuwe domein van waaruit ik kan gaan bouwen, mijn nieuwe thuis, heel dicht bij het huis waar mijn kinderen wonen met hun vader, waardoor ik ze vaak kan zien en mijn dochter bijvoorbeeld ook gewoon naar school kan brengen.

De brief van Martin raakt me enorm. Ik schiet vol. Hij verwoordt precies wat ik de afgelopen anderhalf jaar zo intens beleefd heb ‘de kracht om het weg te duwen en verder te gaan met mijn leven is weg’. Ik voel mijn tante, die pal naast me zit ineenkrimpen. “Oh…” kreunt ze zachtjes “dát komt binnen, ik kan het gewoon voelen… en ook bij jou…”. De tranen lopen over haar wangen. Ik ga dichter bij haar zitten, tegen haar aan zelfs en ik voel me als een klein jongetje in de veilige armen van zijn moeder. De rest van de aflevering houdt ze mijn hand vast. Mijn oom zit verderop, zegt niets, maar ik weet zeker dat ook hij net zo bij me is.

Het voelt fijn, geborgen en veilig. Bijna altijd heb ik dit soort verhalen en programma’s alleen bekeken en verwerkt, kon ik het met niemand meteen delen en was ik alleen met mijn emoties en pijn, mijn aha-momenten en de momenten van (h)erkenning. Het was eenzaam op mijn weg, maar nu niet meer. Nu kan ik kiezen om alleen of samen te zijn en dat is ongelooflijk fijn. Niet alleen mijn oom en tante, maar ook andere ‘naasten’ zijn er voor me, wat een ongelooflijke rijkdom.

tanteVeel zal ik alleen moeten doen en dat maakt ook niet uit, dat hoort erbij, maar wat geniet ik van dit gedeelte van mijn reis. Wat ben ik dankbaar dat er mensen bestaan zoals zij, Ik ben welkom en méér dan dat.

Lieve oom en tante, dit blog is voor jullie omdat jullie me deze kans hebben geboden en me met open armen hebben ontvangen. Dit is meer dan een woning, dit is een thuis, een warm bad en een betere ‘doorstart’ had ik niet kunnen wensen!

 

.

(Kaart van Petite Louise)